Yogahoudingen

De Twisthouding - een haptoyogavorm

Vanuit langzit buigen we een knie. Vervolgens plaatsen we de voet van dat been over het liggende been, zodat deze knie blijft opstaan. Nu draaien we ons bovenlijf en gebruiken we daarbij deze opstaande knie als afzetpunt en een arm als hefboom om verder te torsen (Ned. verz. Zittorsie; Eng. Sitting Turning Pose).

Torsen met gestrekt been

De Twisthouding op de afbeelding hieronder is een aangepaste torsievorm, die we meestal tot op hoge leeftijd kunnen volhouden. We kunnen in de houding in twee richtingen strekkend torsen.

Een jonge Louis van Gorkom maakt de Twisthouding.

De foto nu hierboven toont de lichtere draairichting. Belangrijk is dat we de houding aan ons lijf van dat moment aanpassen. Is de houding te slap, zodat er geen strekking ontstaat dan draaien we het bovenlijf andersom. Voor een liggend alternatief kunnen we eventueel naar de Schroef kijken.

Voor kinderen als opstapje

We kunnen de Twist echter ook zien als het opstapje in het proces van jong aanleren. De houding krijgt dus een plekje binnen de oefenseries voor kinderen. Zo kan deze strekhouding dus in Yoga-Nagna een ingang zijn naar de intensere, klassieke asana's als de Ardha Matsyendrasana en de Baddha Ardha Matsyendrasana.