Een yoga-aspect

Afleiden ter ondersteuning van strekken

Onder afleiden verstaan we het wegnemen van het spierspanningsgevoel door middel van een snelle, herhaalde, stevige streling. In de praktijk zijn er diverse vormen van afleiden.

Het afleiden als test bij onzelf

Het afleiden binnen haptoyoga is een variant van het strelen, die we gebruiken bij strekken en stuiken. Meestal gebruiken we hiervoor een snelle wat stevigere streling, ofwel droge massage. In de Kleine-Booghouding kunnen we het effect van een stevige streling bij ons zelf ervaren.

Een oude Louis van Gorkom maakt de Kleine-Boog.

We maken dus de Kleine-Boog, zoals op die op de foto hierboven staat. Dan zoeken we met ons gevoel de strekking, die zo ontstaat. Op de foto hierboven ligt dat ergens op de rechterflank van ‘Louis van Gorkom’. Eventueel trekt het door naar het aansluitend bovenbeen. Nu strelen we met de hand van de tegenoverliggende arm snel en herhaald, over de plek die strekt.

We merken dat het strekgevoel verminderd. Soms verdwijnt het zelfs geheel. Nu liggen de meeste gebieden waar het strekt buiten het bereik van onze eigen handen. Daarom is voor afleiden vaak de samenwerking met een maatje nodig.

Pas op met stuiken!

Een stuikgebied vraagt om een extra zorgvuldige benadering. Stuiken betekent in elkaar drukken. Normaal kunnen we gewrichtsvlakken niet in elkaar drukken. Alleen bij kinderen onder de twaalf kunnen de gewrichten en botten zich nog enigszins aanpassen. Dit proces gaat echter veel langzamer als het strekken van de spieren. Op latere leeftijd komt van stuiken slechts blessures. Als voorbeeld noem ik het yogaknietje of een asana zoals de Purna Catakasana.

Zorg voor een maatje

(Roman:) In de les (sessie) zitten we midden in de ontspanningsfase. We komen hier de beginnende cursiste Gerda tegen bij het afleiden van haar maatje Maria. (Bij de pagina over het passiefmaatje komen we Gerda voor het eerst tegen.) Hoewel lesgever Louis van Gorkom aanwezig is, heeft de lesassistente Sita heeft op het moment de algehele leiding van de sessie. (Meer over de vriendschap tussen Gerda en Maria vinden we bij de inleidingsfase.)

Gerda houdt met haar linkerhand de rechterarm van Maria in strekpositie en ze leidt met haar rechter 5-hand het ‘okselgebied en bovenarm’ van Maria af. Het is een repeterende-effleurage; de beweging van de streling is zo snel, dat ze haar eigen rechterhand wat onscherp ziet. Even later: ‘Zit ik goed Maria?’ vraagt Gerda zachtjes aan Maria, opdat ze het andere groepje niet verstoort.

Het duurt even voor de vraag van Gerda tot Maria doordringt: ‘Moet dat nou,’ spookt er door de grot van haar bewustzijn; ze wil liever blijven zweven. Vervolgens wijst Maria traag en schokkend met haar linker wijsvinger een iets ruimer gebied op haar rechter bovenarm aan.

Gerda past het gebied van de afleiding iets aan. Dan gaat ze verder met de aangepaste streling. Even later vraagt ze: ‘En nu?’

Maria knikt nauwelijks waarneembaar, ja met haar hoofd.

Voor Gerda is dat voldoende. Ze weet nu, dat ze goed zit en dus door kan gaan met afleiden.

Met de woorden: ‘Buiten komt er weer een auto langs; dat geroezemoes van 't verkeer...’ brengt Sita de algemene stembegeleiding ten gehore. Dan gaat ze verder met haar zoete vrouwenstem: ‘En je kijkt nog steeds naar wat je ziet met dichte ogen. Verder laat j' alles gaan.’

Gerda ziet in een ooghoek Sita het gebaar voor passiefbewegen maken. Van gebaren er omheen kan ze nog geen begrijpelijke zin maken. In gedachten komt ze nog dichter bij Maria met: ‘Ik moet nog een afspraak met Maria maken,’ ze tracht de afleidende gedachte nu te laten liggen; ergens hoopt ze samen met Maria haar kennis over gebaren snel uit te breiden. Dan maakt ze de strekking bij Maria even los door de arm passief los te maken. Gerda voelt dat Maria echt los laat, want die rechter arm voel heel zwaar: ‘Zo los als de slinger van een klok,’ herinnert ze uit de vorige evaluatie. Samen met een knipoog naar Jan geeft ze dit slingeren een kans.

Jan voelt zijn rug. Hij geeft Gerda een knipoog terug. In een poging zijn rug wat te strekken maakt hij ondertussen staande een Armschroef samen met bijbehorende varianten. Gelijktijdig let hij ook op Sita, want het terugleggen uit de Schroefvorm. is aanstaande...

Maria voelt, dat de grip bij haar pols iets verstevigt. Vervolgens danst haar gebogen arm zo licht als een veertje door de lucht.

Gerda brengt de rechter arm van Maria weer terug in strekpositie en hervat het afleiden met haar rechter 5-hand. Er gaat zo enige tijd voorbij. Nu is het terugleggen nabij, dus houdt ze Sita goed in de gaten. Ze ziet dat ook Jan zijn blik richt op Sita.

Maria voelt nu iets meer strekspanning als voorheen; het brengt haar dichte bij de werkelijkheid: ‘Het moet niet zwaarder worden,’ komt op als een gedachteflard. Even later is door het afleiden de strekspanning weer nagenoeg verdwenen; tijdloos...

Sita geeft via gebaren aan, dat we nu uit de Schroefvorm gaan terugleggen.

Het lukt Gerda om in een perfecte samenwerking met Jan Maria geheel symmetrisch terug te leggen. Ze steekt een duim op naar Jan als teken van het succes.

‘Voel hoe lijkt dat de vloer ligt,’ zo zet Sita een passende stembegeleiding in: ‘Of nog beter uitgedrukt, voel wat j' echt voelt,’ zo gaat ze verder.

Voor Gerda is dit een moment van aandacht voor haar lijf. Ze kijkt naar de ademgolf, die er bij Maria los komt. Ondertussen veegt ze haar blonde paardenstaart naar voren en maakt ze staande een Greepvorm. Vervolgens wisselt ze deze af; rechter elleboog boven wordt linker elleboog boven. Dan siddert ze met een Namaste het midden van haar rug los. Zo siddert ze ook met één hand haar billen, bovenbeen en flank; de linker met de rechter- en de rechter met de linkerhand.

Na een lange ontspanning volgt hier voor Maria nog een Schroefvorm met een tweede ontspanning met de Motvorm. Vervolgens gaat de sessie over naar de activeringsfase. (Einde roman).

Evaluatie

Bij het afleiden laten we de stuikgebieden dus aan de therapeut met veel ervaring. Mits voorzichtig aangepakt kan het afleiden bij strekken helpen bij onze dagelijkse oefeningen. We hebben dan meestal wel op z'n minst een maatje nodig. De mogelijkheden voor zelfafleiden zijn beperkt. Als voorbeeld noemen de Schroefhouding. Verder zijn we naakt, want afleiden vraagt een vrije huid, dus kleding zit in de weg.

Het afleiden kan zowel met de hand als met streelgereedschap. We moeten precies op de plaats van de spierstrekking snel en stevig strelen. Afleiden mag alleen bij een minimaal strekgevoel! Hiervoor ontkomen we vaak niet aan vragen. Tijdens passiefoefeningen kan vragen storend zijn, dus is het belangrijk de ander wat betreft de afleidingsplaatsen op de huid te leren kennen. Ook is het herkennen van het gebaar voor "afleiden" nodig. Dit gebaar vinden we in SignWriting (zie: SignWriting.org) op de afbeelding hieronder.

Het gebaar voor afleiden in SignWriting.

Het bestaat uit twee delen. Het eerste deel staat links op de afbeelding hierboven. We zien twee B0-handen van het horizontale vlak. We zien dit aan de onderbreking ofwel gap tussen de vingerelementen. De handpalmen zijn naar binnen gericht. Naast het meest linkse handsymbool staat een cirkeltje met stip in het centrum ofwel brush. De rechter B0-hand strijkt dus langs de linkerhand. Dat het inderdaad de rechter hand is, zien we aan de dichte pijlpunten. De dakvorm duidt de vingertoppen. Er zijn twee pijlen, dus we strijken twee keer met de vingertoppen van de rechterhand langs de linkerhand.

Nu zijn we toe aan het tweede gedeelte van het gebaar. Hier is alleen de rechterhand genoteerd. De linkerhand gaat dus over naar een ontspannen-B-hand. Bij de rechterhand staat de dikke horizontale lijn voor het schoudergebied. De dunne gebroken lijn staat symbolisch voor de rechterarm. In de pijl omhoog staat een dichte stip. Deze pijl duidt een beweging omhoog en tevens naar de gebaarder toe. Het is de beweging, die ontstaat door onze rechter elleboog te buigen. Onze rechterhand komt zo voor onze schouder. De glos "afleiden" komt uit ‘gebaren voor passiefoefeningen’ (GvP) en is in de praktijk van passiefoefeningensessie ontstaan. Dit glos is losjes afgeleid van het glos "afdwalen" uit NGT (zie Gebarencentrum.nl).