Yogahoudingen

De Ușṭrāsana - een āsana

Voor de Ustrasana buigen we vanuit Knielhouding in een Rugboog en pakken we zo onze enkels waar deze overgaan in de hielen (Eng. Camel Pose; Ned. Kameelhouding; Sanskr. asana = houding, ustra = kameel). Het kommatje onder de eerste ‘s’ dient een puntje te zijn! Helaas kunnen we het juiste teken in utf-8 nog niet vinden (zie FAQ).

De lijn-draadfiguur hieronder laat een volgens de klassieke yogatheorie een perfecte uitvoering van de Ustrasana zien. Zo zien we de Ustrasana beschreven in de Gheranda-samhita, een klassiek yogageschrift uit India.

De Ustrasana als lijn-draadfiguur.

De praktijk echter is weerbarstiger. Ook al leren we deze houding als kind reeds aan, dan halen we zelden de op de afbeelding getoonde lenigheid. In de praktijk zullen we dus het gebrek aan lenigheid via de heupen wegwerken. Missen we de lenigheid volledig dan gaan we naar achteren hangen. De tekening is een puur zijaanzicht. Daardoor zijn het tweede been en het tweede arm niet zichtbaar.

Van theorie naar de praktijk

Het moet de lezer inmiddels duidelijk zijn dat we de Ustrasana jong moeten aanleren. Ons lijf kan zich dan geleidelijk aan de houding aanpassen. Helaas beginnen de meeste cursisten op latere leeftijd met yoga. Zij kunnen beter naar een variant zoals de Gedraaide-Kameel kijken. Behoren we tot de groep ouderen, ook al willen we dat nog niet toegeven, dan is meer aanpassing nodig. Verder geven we hier voor de jongere onder ons: de Ardha Matsyendrasana, de Dhanurasana, de Karnapidasana, de Konasana, de Marjaryasana, de Matsyasana, de Salabhasana, de Virabhadrasana en de Vrksasana nog mee om een routine te bouwen. Test daarbij diverse volgorders.