Yogahoudingen

De ‘Matsyasana’ - een yoga-asana

Vanuit Lotushouding steunen we met de handen achter de rug op de grond en vervolgens buigen we achterwaarts, zodat de kruin van ons hoofd de grond raakt. Onze rug maakt dus een Zadelvorm (Eng. Fish Pose; Ned. Vishouding; Sanskr. Padma Matsyasana, asana = houding, baddha = samen, Matsya = meneer-Vis).

De Ploeghouding tegenbuigen

De Vishouding die de denkbeeldige jonge dame op de afbeelding maakt, is in de eerste plaats bedoeld om de effecten van de Halasana (Ploeghouding) te corrigeren. Met de achterwaartse buiging, geeft ze tegenover de voorgaande Ploeg het gebied van de schildklier weer de ruimte. De volledige Sanskrietnaam van de yogahouding op de afbeelding is ‘Baddha Padma Matsyasana’.

Een jonge dame maakt de Baddha Padma Matsyasana.

Wat op de tekening nu hierboven niet duidelijk is, is het sterk hol trekken van de onderrug samen met de achterwaartse buiging van de bovenrug. Helaas dekt de voorste arm dit af. Verder is de afbeelding duidelijk. Het is de bedoeling, dat de dame deze achterwaartse buiging vrij lang volhoudt. Vanzelfsprekend moet ze ondertussen rustig doorademen. Daarna mag ze de rug en nek eventueel plat leggen.

In een serie plaatsen

Zo speelt de Vis tevens een belangrijke correctierol in series opgebouwd uit Keerlingen en Semi-Keerlingen met een overhand aan voorwaartse buigingen. Hierover vinden we o.a. meer info bij de Niralamba Sarvangasana. Kunnen we de Lotus niet aan, dan mogen we de houding ook met gestrekte benen danwel vanuit een andere zitvorm maken.

In een serie plaatsen

Het ontstaan van de naam ligt verscholen in de oergeschiedenis van Yoga in India. Het Sanskriet “matsya” betekent vis. Verder wordt er beweerd, dat je in de houding kunt drijven als een vis. Er zijn verhalen binnen het Hindoeësme, die de houding verbinden met de Visincarnatie van het Goddelijk aspect Visnu. Zo nam Visnu de gedaante van een vis om de Veda's te redden van de oervloed. Verder werd in de zelfde vorm de familie van de oermens gered. Voor de verbinding met enig daadwerkelijke geleefde Guru Matsya (leraar Vis) uit de geschiedenis, zijn geen bewijsbare aanwijzingen.